
Werk maatregelen voor bestrijdingsmiddelen uit in een Omgevingsprogramma
Het omgevingsprogramma vertaalt de ambitie voor een gezonde leefomgeving naar concrete maatregelen, pilots en monitoring, waarmee gemeenten stapsgewijs kunnen toewerken naar minder middelengebruik.
Hoe pas je dit instrument toe?
Gemeenten kunnen een thematisch of gebiedsgericht omgevingsprogramma opstellen waarin maatregelen worden uitgewerkt om risico’s van bestrijdingsmiddelen te verkleinen. In het programma kunnen bijvoorbeeld worden opgenomen:
- pilots met alternatieve (biologische of mechanische) bestrijdingsmethoden;
- onderzoek en monitoring van waterkwaliteit, drift, bodem en blootstelling;
- stimuleringsmaatregelen voor duurzame teelten;
- gebiedsgerichte acties zoals ecologische bufferzones of teelttransities;
- afspraken over samenwerking met provincie, waterschap, omgevingsdiensten en agrariërs.
Het programma is flexibel, kan jaarlijks worden geactualiseerd en vormt de brug tussen ambitie (visie) en regelgeving (omgevingsplan).
In de praktijk
Bij ons zijn nog geen voorbeelden bekend van dit instrument. Ga jij er mee aan de slag? Laat het ons dan weten.
Voorwaarden
Het programma moet aansluiten bij de omgevingsvisie en bijdragen aan gezondheid, natuur en waterkwaliteit.
● Maatregelen moeten uitvoerbaar, realistisch en goed onderbouwd zijn.
● Monitoring is essentieel: gegevens over middelenbelasting moeten worden verzameld en verwerkt.
● Het programma moet kunnen worden aangepast op basis van nieuwe inzichten.
● Samenwerking met ketenpartners (waterschap, OD, provincie, agrariërs) moet expliciet worden georganiseerd
| Rechtsgebied | Publiekrecht > Omgevingsrecht |
| Citeertitel | Omgevingswet |
| Artikel | 3.4 |
| Geldig vanaf | TBD |